Zachte revolte tegen de voorspelbaarheid

‘Die ununterbrochene Nachricht, die sich aus Stille bildet’ Rainer Maria Rilke

Het picturaal en sculpturaal oeuvre van Trui Demarcke is een zachte revolte tegen de voorspelbaarheid van object, kleur en vorm. De natuurlijkheid waarmee haar werken zijn gemaakt, is essentieel en als het ware logisch en evident. Organische, natuurlijke vormen worden nu eens uit het materiaal zelf tevoorschijn gehaald, dan weer opgewekt en geschapen door stukken bij elkaar te voegen of weg te halen. Dat zorgt voor de paradox van tegelijk het wegsteken van het beeld en het laten tevoorschijn treden van het aanwezige beeld uit de materie. Daarbij wordt niet alleen de kleur, de textuur van dat materiaal benadrukt, maar ook de vergankelijkheid of broosheid ervan, zoals we bijvoorbeeld bij een stuk uitgerafeld stof bemerken. Een op het eerste gezicht lijkende fout of onvolmaaktheid is er nooit één bij haar maar is steeds onmisbaar om tot het uiteindelijke en ‘ultieme’ beeld te komen.

Opmerkelijk in haar oeuvre is dat het beeld zelden eenduidig is. Picturale werken gemaakt van stof, hout of krijt krijgen niet zelden een sculpturaal aura en sculpturale werken worden vaak als een schilderij behandeld. Krijt-kaolienlagen op hout gedragen zich als een poreuze huid waardoor de kleuren als het ware naar binnen worden gezogen. Mat en glanzend wisselen elkaar af. Een nu eens nadrukkelijke transparantie die de gelaagdheid onderlijnt, alterneert met meer ondoordringbare werken. Maar diepte en gelaagdheid zijn prominent aanwezig – iets wat letterlijk onderlijnd wordt door bijvoorbeeld gebruik te maken van de leporellotechniek. De plooien van deze techniek breken enerzijds het beeld, maar zetten het anderzijds ook verder alsof het beeld zich tot in een oneindigheid zou kunnen verder plooien en herhalen. ‘Wat men insluit, breidt zich uit.’ De plooien van het papier zijn als de plooien van stof.

Sommige vormen beschouwt ze als ‘restvormen’ die ontstaan zijn uit het wegknippen van het patroon uit het papier. Een kimonomantel kan als vertrekpunt dienen. Twee vilten lappen stof worden met krijt-kaolienlagen bij elkaar gebracht. Lijnen transmuteren. Een stuk zijde wordt heel beweeglijk in het kader gevat. Wat onzichtbaar achter het beeld verscholen ligt, is van even groot belang als wat zichtbaar is. Sporen onthullen steeds wat er gebeurd is.

Inge Braeckman

 

Gentle Revolution against Predictability

‘Die ununterbrochene Nachricht, die sich aus Stille bildet’ Rainer Maria Rilke

Trui Demarcke’s pictorial and sculptural oeuvre is like a gentle revolt against the predictability of object, colour and shape. The naturalness with which the works have been made, is essential and as it were logical and evident. Now organic, natural shapes are extracted from the material itself, then they are generated and created by fitting together or removing fragments. This results in a paradox: the image is made to disappear, while at the same time the image present in the material is made to appear. In this process not only the colour and texture of the material are emphasized, but so is its ephemeral character or its frailty, as can be seen for example in the case of a piece of frayed fabric. What may seem at first sight a flaw or an imperfection, actually never is in her work. It is always an essential element to create the final and ‘ultimate’ image.

What strikes us in her oeuvre, is the fact that only rarely the image is unambiguous. Pictorial works, made of fabric, wood or chalk, often acquire a sculptural aura and sculptural works are often approached as if they were paintings. Layers of chalk and kaolin on wood behave as if they were a porous skin through which the colours are as it were absorbed. Matt and gloss alternate. An emphatic transparency that accentuates the layeredness alternates with more impenetrable works. But depth and layeredness are prominently present, which is literally underlined by for example the use of the leporello technique. The folds used in this technique fragment the image, but on the other hand they also extend it, as if the image could fold and repeat itself endlessly.. ‘What we incorporate, expands.’ The folds of the paper are like pleats in a fabric.

Some of the shapes she considers to be ‘residual shapes’ that are the result of cutting the pattern from the paper. A kimono may serve as the point of departure. Two pieces of felt fabric are linked with chalk. Lines transmute. A piece of silk is caught in the frame, free to move. What is invisibly hiding behind the image, is no less important than what is visible. Traces invariably reveal what has happened.

Inge Braeckman

 

 

 

 

Tekening Trui Demarcke